Jezus Christus: De Weg naar Eenheid via de Liefde

Liefde van alle zijn gelijkaardig
Ik herken het jullie tijdens de buur
Persoonlijkheid zoekt naar

24.8 MB

Les 37

Het is Mij, JEZUS CHRISTUS, en allen, die met Mij naar jullie komen en onder jullie verwijlen, een grote vreugde om jullie in jullie Openheid naar elkaar toe waar te nemen en te zien, hoe ieder onder jullie zich oprecht moeite getroost op de weg, het Licht tegemoet, voorwaarts te komen, ook als het vaker zo lijkt, dat jullie je in een kring bewegen.

Mijn geliefde Schare, de schreden, die jullie doen, zijn vaak zeer klein-en ze moeten klein zijn-want veel ligt er op de weg, dat jullie bij grotere stappen over het hoofd zouden zien. Derhalve mogen jullie je in diepste deemoed naar de kleine stappen buigen, reik allen Mij de hand en wandelt bewust en zorgvuldig op dit pad, dat smal en eng verloopt, maar stevig omhoog leidt!

Buk je steeds weer naar stenen, die onder je voeten liggen. Neem deze in de hand en denk over deze na. Wat zijn deze stenen, die je op de weg liggen? De steen is hier symbool voor het Woord, voor de Liefde, die Ik jullie na aan het hart leg.

Ieder Woord is in je ziel gegraveerd. Als jullie met zeven-mijls-laarzen door zouden razen om maar vooruit te komen, dan zou menige kleine stap je ontgaan, zo menig Woord van Liefde, en jullie zouden om moeten keren en de haastig gegane route terugkomen om weer tot Mijn Woord te geraken, je deemoedig te buigen, het aan- en op te nemen en erover na te denken.

Mijn Woor dis Liefde. Het is jullie opgave om alles, wat om je heen niet in liefde vibreert, alsnog in de Liefde te brengen, doordat jullie je neigen, bukken, en de steen, die zwaar in je hand ligt, op te heffen en Mij aanreikt.

De steen schijnt jullie hard en vast. Jullie kennen de uitdrukking: “zijn hart is van steen”. Liefde laat deze steen zacht worden, liefde doorstraalt deze, liefde verbindt tussen jullie hart, jullie verstand-denken en jullie intellect. De steen wordt door de liefde en de deemoed geslepen. Hij verliest zijn harde kantjes en hoekjes, begint te glanzen en jullie naasten spiegelen zich erin. Dan beseffen jullie innerlijk, in je hart, al je zwakheden. In de te bewerken steen spiegelen zich ook de zwaktes van de naasten, die bij jullie resonantie vinden, dus jullie eigen zwaktes laten zien.

Des te meer als deze steen tot een Liefdessteen wordt, des te meer spiegelt hij, krijgt vakken als een geslepen diamant. Daardoor spiegelt zich nog meer in jullie, wordt jullie bereidheid om zelfkennis te ontwikkelen en nog groter wordt jullie deemoed, daar jullie zien: “O Vader, waar sta ik, jouw Kind?”

In deze deemoed neigen jullie je opnieuw en zeggen: “Vader, niet ik, maar Jij in mij! Niet ik wil dingen in beweging zetten, maar Jij, O Vader, moge Jij de dingen naar Jouw Wil bewegen, want wat ik in mij zie, is zoveel, dat het mij bijkans terneer drukt. Hoe zou ik ooit thuis komen, O Vader, zou Jij mij niet de hand reiken en mij niet met Jouw overgrote Barmhartigheid en Jouw Alliefde overgieten!”

Wanneer jullie je op deze wijze de deemoed veroveren, dan zal zich steeds minder in deze geslepen steen in je innerlijk spiegelen. Nu begint zich Mijn Liefde in hem te weerspiegelen, want door jullie bereidheid om jezelf te veranderen en ook door de daad van de verandering, verandert zich tegelijk jullie omgeving, waarmee jullie een netwerk vormen. Jullie omgeving verandert zich net zo in kleine stapjes, als jullie moeizaam, maar steeds opwaarts, gaan. Als jullie na een tijdje terug kijken, stellen jullie met verbazing vast: “O Heer, Jij hebt gelijk gehad. De weg is niet meer zo zwaar. De problemen hebben zich opgelost. Liefde swingt om mij heen. Ik heb geen problemen meer met mijn kinderen. Met mijn partner ben ik in meer harmonie gekomen. Mijn vrienden en bekenden wenden zich steeds vaker tot mij, als ze in moeilijke situaties zijn en Jij, O Heer, kunt hen door mij hulp geven”.

Dan lijkt deze innerlijke steen op een briljant met weinig inkervingen en spiegelt het Licht van de Eeuwigheid, de Liefde, in de verte van deze aarde en van de kosmische ruimte. Jullie hebben je bewustzijn verhoogd, zijn allang niet meer aan aards-materieel-denken geketend., doch hebben het verstand met hert hart verbonden en jullie blik in de innerlijke verte gericht, in kosmische vertes en scheppingen, die Ik jullie in de schoot wil leggen.

Hoe eng is nog jullie horizon. Als Ik luister naar jullie uiteenzettingen luister, dan swingt een beleving van jullie naar Mij toe, dat jullie je als in een kooi gevangen voelen, woedend aan de spijlen rukt en gelooft, dat er niks beweegt. In jullie woede zal zich ook niks bewegen, maar alleen uiterlijk, mijn geliefde leerlingen, innerlijk beweegt zich zeer veel. Reeds jullie reactie veroorzaakt weer aktie en leidt jullie - nog onbewust - naar nieuwe feiten en omstandigheden, die jullie uiteindelijk helpen in te zien, dat de vermeende spijlen, waaraan jullie rukken, helemaal niet bestaan.

Alleen wat jullie op het moment met je aardse zintuigen bevatten, is voor jullie existent. Bij de een of andere ontwaken nu geestelijke zintuigen en jullie begrijpen hogere bewustzijns-nivo’s, maar bevatten moeten jullie deze toch nog. Als jullie de hand niet uitstrekken, dan kan dit hoger nivo je op grond van je vrije wil niet tegemoet treden. Nu hoor ik jullie kreet: “Maar ik wil toch, Heer!” Het is precies deze wil, je eigen wil, die jullie laat rammelen aan de vermeende spijlen.

Wat is ‘Wil?’ Wat is vrije wil? En wat is de Goddelijke Wil?

Als de ziel haar aardse lichaam betreedt, onderwerpt zij zich aan de wetten van het lichaam. Ze heeft tevoren dit lichaam opgebouwd. De genen werden door de zich incarnerende ziel reeds mee bepaald. Welke genen bijvoorbeeld dominant zullen werken, dat bepaalt de zich incarnerende ziel. Ook geen-defecten, zwaktes, gaan van de ziel uit, tevoorschijn geroepen door de verzwakte scheppingskracht in haar, die door fouten in vorige incarnaties zijn bepaald.

Dat wat jullie tegenwoordig zijn, is aan de ene kant de scheppingskracht van jullie ziel, en aan de andere kant echter, daar de ziel zich aan de mens en dus aan de materie moet overgeven, de wil van de mens. Ook de mens heeft zijn vrije wil, maar tot op zekere hoogte.

Is de ziel uitgegaan om karma vrij te maken en/of om een opdracht te vervullen, en kan zij deze in het aards lichaam niet volbrengen, dan rebelleert zij, eerst zacht, dan steeds sterker. Het lichaam wordt ziek of er gebeurt een ongeval. Jullie geloven, dat een toeval dat lot heeft doen ontstaan, nee, de ziel werkte via de mens, werkte via de materie en leidde, op grond van haar vrije wil, het lot naderbij, opdat zij zich via de mens voortaan beter kan bewegen en wel in die richting, die zij zich had voorgenomen.

Iedere onrust in de mens, iedere ontevredenheid, is een spiegeling uit de ziel. Ook het ongelukkig zijn, de verlangens, die jullie in je dragen, dat alles komt uit jullie zielen, ook diepere belevingen, die jullie van de mens uit gezien niet kunnen verklaren. Zuiver naar het uiterlijke gezien schijnt alles in orde en niettemin overvalt je plotseling een diepe treurigheid of een verlangen, dat niet is te beschrijven. Waarom? Jullie ziel meldt zich.

Vind de ziel geen mogelijkheid, ook niet door leed, om via de mens tot haar opdracht te komen, dan maakt ze zich los van dit menselijk kleed, het leven trekt zich terug. De mens kan nog zozeer willen, nog zozeer aan het leven hangen, zijn willen en wensen is beeindigd, hij moet zich in het lot schikken, hij voelt het leven wegglippen. Hij moet zich in de wil van de ziel begeven, hij moet zich voor haar buigen, daar de ziel een hogere trilling heeft dan het fysieke lichaam. De vrije wil van de mens is derhalve beeindigd.

Nu staat boven de wil van de ziel ook nog de goddelijke Wil. Maar deze goddelijke Wil laat Zijn kind de absolute vrije hand. De ziel kan de weg via de donkerheid kiezen of de weg naar het Licht. Godvader houdt altijd op gelijke wijze van haar en schenkt haar altijd gelijke kracht en liefde. Alleen, Mijn getrouwe Schare, wanneer de fonkelende edelsteen in jullie innerlijk door meerdere incarnaties werd afgedekt, kan deze de Lichtkracht van de Vader - het Leven, de Liefde - niet meer opnemen en de ziel verliest aan scheppingskracht.

Jullie weg is, zoals Ik aan het begin zei, om deze edelsteen vrij te maken - tot op de kleinste inkervingen, die moeten zijn, opdat jullie in het aardse verder kunnen existeren – opdat de scheppingskracht, die gelijk is aan de Liefde, die Ik ben, weer door jullie kan werken en de uit de ziel opstijgende verlangens en onvrede gestild wordt.

Uit het dringen van je innerlijk weten jullie: Er is nog meer als ik met mijn zintuigen kan bevatten en “ik wil meer begrijpen!” Door jullie “Ik wil” zijn jullie weer gestruikeld over de deemoed, want jullie zuivere gedachte zou moeten luiden: “Vader, niet ik, maar Jij door mij, alleen kan ik deze steile helling naar de Top niet, alleen met Jouw hulp”. Dat geldt voor al jullie moeilijkheden! Als het jullie steeds bewust is, dat jullie uit jezelf, namelijk uit je mens, helemaal niks kunt, want het Leven is Liefde en Leven is Geest, dan doen jullie ook moeite voor de ware deemoedigheid.

Liefde geeft! Liefde laat het kind alle wegen kiezen, die het wil begaan. Het moet ze echter niet allemaal begaan, en allemaal doorlijden. Het kind kan ook leren van het lot van zijn medemensen. Maar menige van Mijn geliefde, door Mij aangenomen kinderen, willen perse zelf door iedere ervaring heen.

De Liefde laat gaan! Mijn schaapje loopt aan de lang lijn. Het springt nog nar deze vlinder, naar die kever, staat misschien aan de afgrond, maar Ik houd het niettemin vast. Wat wie zich eenmaal tot Mij heeftgewend, wie een keer zijn Naam door Mij heeft horen roepen – dat moet niet perse in het menselijk kleed zijn, maar in de ziel – wie Ik bij zijn Naam heb geroepen, die is van Mij, waarheen hij of zij ook nog naar toe mag snellen. Het duurt niet lang of het schaapje is weer aan Mijn zijde, gaat heel dicht tegen Mij aan staan en Ik leid het naar groen weiden uit de door jullie geciteerde Psalm 23.

Jullie hebben nu een beetje tijd voor je, waarin je over Mijn woorden kunt nadenken, waarin jullie aan jezelf rekenschap geven, wat jullie van datgene, dat je geschonken werd, ook verwezenlijkt hebt. Ik ben altijd hulp en steun en samen met Mij begeleiden jullie de beschermers en begeleiders uit de zuiver-geestelijke hemelse wereld.

Denk na, waarom jullie nog aan de imaginaire spijlen rammelen, waarom jullie je niet vrij en licht als de Liefde, die het leven is, verheffen om boven de wolken te zweven.

Denk terug aan je eerste liefde! Destijds gingen jullie als over wolken. Ik zei jullie bij de desbetreffende scholing: De hemelse Liefde swingde zich met jullie tezamen. Denk erover na, waarom deze Lichtheid in je leven nog niet is ingetreden, waarom jullie nog met een zware tred wandelen, waar Ik, de Goede Herder, jullie toch zo nabij ben. Tracht ook, Mijn geliefde schapen, in jullie innerlijk te gaan en Mij, Jezus Christus, in deze geslepen edelsteen te herkennen!

Blijf niet staan voor de spleet van de geopende innerlijke Poort, sla niet je blik ter neder voor het Licht, dat jullie tegemoet straalt en waar jullie je in spiegelen en je eigen zwaktes ziet, maar reik Mij je hand en zeg: “Heer, met Jou doorloop ik alle wegen, zij het ook nog zulke zware, nog zo doornige. Ja, ik zie al rozen tussen de doornen bloeien, mij tot vreugde.”

Kijk een beetje terug, maar ga niet in het verleden verposen en ga niet weer in de oude boeien, maar tracht in het moment te leven: In het hier en nu het leven te ervaren, dat in je stroomt, niet alleen het fysieke leven, doch ook de geestelijke instraling!

Denk ook aan de drie levels, die steeds zijn te onderzoeken: de menselijke-, de ziele- en de Geestelijke level! Beweeg jullie nu uit het menselijke met zekere tred omhoog in dat van de ziel, opdat de mens begint om de ziel te dienen en zich daardoor de sferen van je bewustzijn gaan verwijden. Alleen zo krijgen jullie een kijk achter de coulissen.

Voorwaarde is echter de deemoed en - Ik herhaal het met bijzondere nadruk – het zich buigen en zich bewust worden van de eigen zwaktes. In dit zich buigen en zich bewust worden van jezelf krijgen jullie dan kracht, het Ware Leven uit de scheppingsmacht. Langzamerhand wordt jullie de mogelijkheid geschonken om datgene, dat jullie nu al in het geestelijke in verschillende gebieden volbrengen, mee over te nemen naar je menselijk bewustzijn, zonder dat jullie weer meteen vervallen in de hoogmoed, tot welke indrukwekkende prestaties je in staat bent (hoor de humor in Mij stem...).

Het is het leven, de liefde, die alles in jullie en door jullie volbrengt, het is de scheppingsmacht. Zij alleen dient jullie Doel te zijn, niet de een of andere Macht, waarvan je droomt, krachten, waarmee je wenst om de wereld uit zijn voegen te tillen. Jullie hebben de kracht waarlijk in je, als jullie je in je goddelijke Zoon-, cq goddelijke Dochterschap kunnen beseffen.

Welnu, Mijn getrouwe schare, denk allen na. Mijn zegenende Liefde is met jullie en met al Mijn aardekinderen. Ook diegenen, die als ziel thans aanwezig zijn en met jullie als ziel door deze scholing gaan, zijn door Mijn liefde beroerd en gezegend. De zegen straalt in heel de schepping.

Amen

 

 

Leseansicht
Voorwoord
1234567
891011121314
15161718192021
22232425262728
29303132333435
36373839404142
43444546474849
50515253545556
57585960616263
64656667686970
Tref-impulsnur Buchnur Treffen„Leg de scholing niet terzijde, want als U uit uw innerlijk de impuls opvangt, deze ter hand te nemen, sla het boek dan op een willekeuige pagina open, en het zal precies die pagina zijn, die U verder helpt, als U twijfelt, welke weg U dient te gaan.“(70. Schulung)
© 2020 Liebe-Licht-Kreis Jesu Christi DatenschutzerklärungImpressum
Liefde-Licht-Kring van Jezus Christus Weg naar eenheid, 37. Les
Tref-impuls